Categorieën
Vervoer

Definitie van bandenspanning

Kort gezegd is bandenspanning de overdruk die in de banden van een voertuig aanwezig is. De spanning wordt gemeten met een bandenspanningsmeter. In Nederlands wordt de spanning uitgedrukt in bar, atmosfeer, hectopascal of PSI.

De juiste spanning

De bandenspanning heeft invloed op het weggedrag van een voertuig. Een juiste spanning kan zorgen voor lager brandstofgebruik, minder slijtage aan de banden en meer veiligheid op de weg. De bandenspanning moet gemiddeld een keer per maand gecontroleerd worden. De gemiddelde bandenspanning van een auto is 2.5 bar. Echter is het verstandig na te gaan of dit de correcte spanning is. De voorgeschreven advies spanning kan op drie plekken te vinden zijn. Ten eerste staat het bijna altijd in het instructieboekje van de auto. Daarnaast staat het vaker aan de binnenkant van de tankdop of op een sticker in de deurstijl. Er zit ook een verschil tussen de spanning in de winter en in de zomer. De temperatuur heeft namelijk invloed op de lucht in de banden. In de winter is er gemiddeld 0,2 bar extra nodig.

Risico’s

Een te lage bandenspanning (-1.5 bar) kan ervoor zorgen dat een band oververhit. Dit kan dan weer leiden tot een klapband. Bij een klapband met 120km/h verliest een bestuurder vrijwel altijd de macht over het stuur met als gevolg een ongeluk. Te hoge bandenspanning (+0.5 bar) zorgt voor een verminderd rijcomfort. De band wordt te bol. Deze slijt dan sneller en de grip vermindert. Rubber is een doorlaatbaar materiaal. Overdruk kan er dus voor zorgen dat de band langzaam leegloopt met gemiddeld 2 tot 5 % per maand.  

Oppompen

Bij de meeste tankstations is er wel een luchtautomaat te vinden. De een moet je voor betalen en de ander is gratis. Het oppompen van banden gebeurt helaas zelden goed. Je kan daarom beter je banden laten controleren en oppompen bij een garage. Wil je meer leren over je auto? Ga dan eens langs bij rijschool schoten voor meer informatie!

Categorieën
Vervoer

Definitie van tussentijdse toets

Als je rijlessen gaat nemen of al aan het nemen bent, dan heb je maar één doel voor ogen. Je examen halen natuurlijk! Voor het standaard auto rijbewijs heb je een theorie-examen en een praktijkexamen. Je praktijk kun je nooit beginnen zonder het slagen in de theorie. Tijdens het praktijkexamen moet je ook de zogenaamde speciale verrichtingen doen. Dit zijn handelingen die laten zien dat je de auto voldoende beheerst en in staat bent om verrichtingen die je sowieso nodig gaat hebben zonder problemen uit te voeren. Denk hierbij aan bijvoorbeeld de hellingproef of het (achteruit) fileparkeren.

Tussentijdse toets neemt stress weg

Zit je op zo’n 70 à 80 procent van je lessen, dan is het waarschijnlijk tijd voor de tussentijdse toets. Dit is een momentopname om te zien hoever je klaar bent voor je rijexamen. Een officieus evaluatiemoment. Tijdens de tussentijdse toets kun je vrijstelling krijgen van de speciale verrichtingen als je ze goed doet. Dat scheelt voor veel mensen stress bij het uiteindelijke praktijkexamen. Je hoeft je tenslotte alleen nog maar op het rijden in de omgeving te richten, en op de instructies van de examinator. Een tussentijdse toets kun je bij elke rijschool doen. Bij de ene rijschool betaal je echter een los bedrag dat kan verschillen van een reguliere les, bij de andere zoals Driving School Maastricht zit sowieso al inbegrepen in een totaalpakket.